Els Lurvink (66) woont sinds 1973 op de Javastraat in Amsterdam-Oost. Sindsdien is er veel veranderd in de straat, maar dat geldt niet voor de slecht onderhouden woning van Lurvink. Na een tien jaar durende strijd plande haar verhuurder een grootschalige renovatie in waarbij onder meer de veranda opgeknapt zou worden. Maar het gepleegde onderhoud is knullig uitgevoerd en ging niet in overleg. Nog steeds betreedt ze de veranda liever niet, omdat dit vanwege de houtrot in de onderconstructie onveilig is.

In de tijd dat Els Lurvink op de Javastraat woont is haar huis vaak van particuliere verhuurder gewisseld. Ze begon met een lage huurprijs van 83 gulden, nu betaalt ze 365 euro. ‘Destijds waren het kleine huurtjes, maar nog steeds heb ik een goede huurprijs.’

In de periode voor 2013, het moment dat er gerenoveerd werd, waren er problemen met de vloer. De situatie was gevaarlijk. Voor het fornuis kon ze niet meer staan, omdat de vloer heen en weer bewoog. De douchebak kwam bij de onderburen door het plafond heen. ‘Het was verschrikkelijk, het heeft jaren geduurd. Zelfs nu na de renovatie sta ik nooit recht voor het fornuis, dat is denk ik het psychologische effect.’

Op dat moment huurde ze van een andere verhuurder: Prud’homme de Lodder*. Na jaren van moeizaam contact met de verhuurder over de schrijnende situatie, schakelde ze Stichting !WOON in, die huurders helpt en adviseert. Uiteindelijk stapte ze naar de huurcommissie, die bemiddelt bij geschillen tussen huurders en verhuurders. Drie jaar na de uitspraak van de huurcommissie kwam de renovatie. Lurvink werd tijdelijk onderbracht in een leegstaande woning in hetzelfde pand, een paar verdiepingen hoger. Over het resultaat is ze niet enthousiast. De gebreken zijn niet verholpen, knullig aangepakt of er zijn grote veranderingen gemaakt zonder overleg. ‘Ze hebben alles leeggehaald en op z’n janboerenfluitjes weer in elkaar gezet, met prachtige gipsen wandjes. Ze hebben het hele huis anders ingedeeld. Ik heb nu een hele smalle hal, met twee openingen waar geen deuren in zitten.’

De kleinste kamer van het huis is kleiner geworden, ongeveer anderhalf keer zo klein, waardoor deze niet meer als logeerkamer gebruikt kan worden. Een vriend van haar moest achteraf helpen met de elektra, omdat deze niet goed aangesloten was door de aannemer. Er zijn dubbele ramen geplaatst, maar er zitten nog kieren en gaten waar tocht doorheen komt. ‘Toen ik de werkmannen zag, vroeg ik, of het de bedoeling was dat dit zo bleef zitten. Dat zouden ze wel even oplossen, toen hebben ze het volgespoten met purschuim. Dat rot gewoon weer weg.’

Na de renovatie kwam Bouw- en Woningtoezicht van de gemeente langs. ‘Ze zeiden dat het nu toch wel een stuk beter is dan het was. Het irriteert me mateloos. Ze hebben niet goed overlegd hoe ze de renovatie aan gingen pakken.’ In de woonkamer zitten op dit moment vochtplekken en schimmel, ook de afvoer van de afzuigkap is niet goed aangesloten. ‘Ik weet wel dat ik niet veel betaal, maar ik vind dit niet fijn, dit wil je niet. Ik wil niet op den duur ziek worden van mijn eigen huis.’

Ondanks de renovatiewerkzaamheden, waarbij een metalen hulpconstructie bevestigd werd aan de kritieke punten van de constructie, zit er nog houtrot in de balken onder de veranda, ook bij de bovenburen op de tweede verdieping. Lurvink merkte in de loop der jaren dat het oppervlak steeds schuiner ging lopen. Het kraakt als je erop loopt. ‘Vanaf een jaar of twee geleden is het wel heel hard gegaan. Toen dacht ik, dan maar niet op de veranda. Ik durf dat niet meer.’

Ook het contact met de huidige verhuurder gaat moeizaam, als ze een mail stuurt krijgt ze hier meestal geen reactie op. De huidige verhuurder reageerde niet, toen Lurvink opnieuw contact zocht over de veranda. Aan de afgelopen renovatie ging een lange strijd vooraf, waarbij meerdere instanties ingeschakeld werden. ‘Ik heb dit keer geen contact gezocht met andere instanties, want ik ben het zat. Met de vorige verhuurder, Prud’homme de Lodder, heb ik tien jaar gevochten, dat heeft me vijf jaar van mijn leven gekost.’

Lurvink is de enige huurster in het pand, tien jaar geleden bood de verhuurder haar 250.000 euro om weg te gaan. Ze is bang om slapende honden wakker te maken en opnieuw de discussie aan te moeten gaan over een verhuizing. ‘Die gebreken zijn niet fijn, maar iedere keer een belletje van je huisbaas met de vraag of je al een andere woning hebt gevonden is ook niet fijn. Ik heb gewoon een huurcontract, dus wat zeuren ze.’ Zolang ze kan, wil ze hier graag blijven wonen. ‘Vrienden van me hebben een oprot premie gekregen, die zitten nu in Purmerend en hebben daar nog steeds spijt van, ik ben het gevecht aangegaan want ik vind het een fantastische buurt.’

*De vorige verhuurder, Prud’homme de Lodder is inmiddels failliet en was niet bereikbaar voor een reactie. De naam van de huidige verhuurder is bekend bij redactie.