Marion

Callcenter-medewerker bij gemeente Amsterdam. Heeft een tijdelijk contract van 32 uur en verdient ongeveer 1500 euro netto per maand.

“Ik werkte altijd in de kraamzorg, totdat ik als gevolg van twee ongelukken mijn baan kwijtraakte. Ik was in totaal twee jaar uit de roulatie en kwam in de ww terecht. Gelukkig vond ik snel weer werk, eerst bij het callcenter van het Oogziekenhuis, later bij de gemeente via het uitzendbureau. Ik was er zo blij mee! Thuis werd ik gillend gek.

Bij het callcenter van de gemeente Amsterdam (CCA) kreeg ik vier weken training. Toen ik mijn eerste salaris zag dacht ik: oei, dat is wel erg weinig. Ik verdiende in de kraamzorg 15,38 per uur, netto, bij de gemeente verdiende ik in het begin 11.08 euro per uur. Nu is dat 13.08 euro, omdat ik een training heb gevolgd. Ik krijg tot en met januari 2020 gelukkig aanvullende ww. Zonder dat geld zou ik echt naar de voedselbank moeten.

We kunnen net de rekeningen betalen, maar het is geen vetpot. Mijn man is 82, heeft een AOW-tje van 582.71 euro per maand en is daarop gekort vanwege mijn salaris. Ik verdien teveel om voor gemeentelijke toeslagen en regelingen in aanmerking te komen. Huur en zorgtoeslag krijgen we niet. Ik betaal de rekeningen met mijn vakantiegeld. De zorgkosten, in totaal 200 euro per persoon per maand, zijn voor ons de grootste kostenpost. Ik zit vaak in de lappenmand en krijg fysiotherapie, omdat ik niet goed kan lopen. Mijn man is net schoon verklaard van blaaskanker, maar moet nog wel op controle. Dat kost ons ons verplichte eigen risico, dat we vervolgens in termijnen moeten betalen. Ook heb ik een doof rechteroor en dus een gehoorapparaat, met alle kosten die daar weer bij horen.

In mei 2017 kreeg ik weer een ongeluk. Ja, ik ben een pechvogel. Door die ongelukken durfde ik lang niet op de fiets. Dus moest ik steeds met het OV naar mijn werk. Van Oost naar Bos en Lommer. De wekelijkse reiskostenvergoeding van 6.85 euro was ik bijna per dag kwijt. Echt teveel voor mijn salaris. Gelukkig durf ik nu wel weer te fietsen, maar ik rij wel om. In het begin zat ik met zweethanden op de fiets.

We waren altijd gewend om goed voor onszelf te kunnen zorgen. We hebben geen auto meer en het abonnement op de Margriet heb ik ook op moeten zeggen. Uitstapjes zitten er niet in. Ik heb geen recht op een stadspas ofzo. Mijn dochter bezoeken in Veenendaal kost veel geld, dat kan niet zomaar. Dus dan eten we gewoon een paar keer geen vlees. Mijn man kookt en doet de boodschappen, dat is heel fijn. Vroeger kreeg hij mijn pinpas mee, nu mag hij niet meer dan 70 euro per week besteden. Dat vindt hij wel moeilijk.

Ik heb nu sinds een week eindelijk meer uren gekregen, waar ik vier maanden geleden om gevraagd had. Nu werk ik 32 uur per week. Ik werk hard, mijn werk is leuk en ik kan lachen met de mensen die ik spreek. Mijn collega’s zijn als een warm bad. Maar de gemeente moet meer vaste contracten geven, in plaats van zichzelf steeds op de borst kloppen dat ze minder flexibele krachten aannemen. Met mijn leeftijd heb ik denk ik geen uitzicht op een vast contract. Mijn halfjaar-contract is nu twee keer verlengd. Dat gebeurt gewoon, maar steeds denk ik dan: wat als dat niet gebeurt? Dan heb ik een maand om nieuw werk te vinden. Op mijn leeftijd!

We kunnen rondkomen, maar niets sparen en geen gekke uitgaven doen. Ik zou heel graag een nieuwe computer willen, de beste uitvinding ooit. Ik heb de hele platencollectie van mijn man gedigitaliseerd. De accu van mijn elektrische fiets is op en ik kan geen nieuwe betalen. En mijn belastingaangifte durf ik niet op te sturen. Vorig jaar moest ik ineens 900 euro terugbetalen vanwege de loonheffingskorting! Ik heb mijn leven nu zo ingericht dat het fijn is om thuis te zijn. Van het geld dat ik uitgekeerd kreeg van de verzekering, vanwege mijn ongeluk, kon ik gelukkig wel nieuwe meubels kopen. Ik ga geen hulp vragen. Je wil toch een beetje de sterke vrouw blijven.

Ik ben niet de enige in Amsterdam. Elke week heb ik wel iemand aan de lijn die in dezelfde situatie zit als ik. Die net teveel verdienen voor de regelingen. Dat is gewoon sneu.”

over live journalism

Waar Amsterdammers de hoofdrol spelen

Amsterdam. De stad die met de dag welvarender wordt, maar waar toch niet iedereen meekomt. Waar het succes op de stoep ligt, maar de kloof tussen arm en rijk alsmaar groeit. Het komend jaar duiken we samen met jou in de verhalen van de stad. Want wie kan deze ontwikkelingen beter duiden dan de Amsterdammer zelf? We gaan met je brainstormen, we publiceren journalistieke verhalen en brengen tot slot alles samen in verrassende theatervoorstellingen. Want wij geloven: verhalen moet je tot leven wekken, in de journalistiek en op het podium.