Hein wacht al tien jaar op een woningruil: “Kinderen delen met z’n drieën een slaapkamer”


Al ruim tien jaar probeert Hein de Wit van woning te ruilen met een andere huurder van De Alliantie. Het gezin woont met zijn vijven plus hond in een tweekamerappartement en nu de kinderen aan het puberen zijn, is het niet meer te doen. Meerdere keren probeerde hij oudere, alleenstaande bewoners met meer slaapkamers te overtuigen om te wisselen, maar: “Hoe ouder iemand wordt, hoe moeilijker het voor ze is om te verhuizen.”
Het huis, gelegen op een gewilde locatie vlak naast Artis, staat vol met spullen. De 17-jarige Witte geeft ons een rondleiding van zijn slaapkamer. Een korte rondleiding, want de kamer, die hij deelt met zijn jongere broer en zus, is klein.
“Hier beneden in dit stapelbed slaap ik, en daarboven mijn kleine broertje. En hier in de hoek slaapt mijn zusje.” Witte speelt basketbal en is al langer dan twee meter. Hij laat zien hoe klein zijn bed is. “Als ik lig steken mijn voeten helemaal uit. Ik slaap met sokken aan, want anders krijg ik koude voeten”, lacht hij.
Gouden kooi
Toen Hein de Wit de woning toegewezen kreeg was Witte pas net geboren. Op dat moment was het tweekamerappartement perfect voor hun situatie. Maar inmiddels zijn er twee kinderen en een hond bijgekomen. Vader en moeder slapen in een slaapkamer, de drie kinderen in de ander. “We barsten uit onze voegen. Het is een gouden kooi, hoe groter de kinderen worden, hoe meer het bekneld”, zegt Hein.
Al tien jaar probeert hij te ruilen met iemand anders die huurt van de woningcorporatie, in zijn geval De Alliantie. Dat is gebruikelijk. Huurders kunnen met elkaar afspreken te willen ruilen – bijvoorbeeld als een groter wil wonen, en de ander liever op een andere locatie – en het laten toetsen bij de corporatie. Als alle partijen toestemmen, kan de ruil doorgaan. Bij De Alliantie zijn er tot november dit jaar circa dertig woningruilen uitgevoerd.
Hein dacht dat zijn woning op de begane grond, geheel gelijkvloers en naast Artis, wel in trek zou zijn. Maar de realiteit is anders. “Ik kan wel drie voorbeelden geven van mensen die al wat ouder zijn en het moeilijk vinden om weg te gaan uit hun woning. Sommigen sluiten zich zelfs op in een hoog appartement met vier à vijf kamers met trappen als ze slecht ter been zijn. Terwijl ze hier makkelijk naar binnen en naar buiten kunnen.”
12.000 gezinnen in te kleine corporatiewoning
Hein is niet de enige in deze situatie. Volgens de gemeente wonen zo’n 12.000 gezinnen met een laag inkomen in een te kleine sociale huurwoning. Daar tegenover staat dat vooral ouderen te groot wonen. Van alle eenpersoonshuishoudens met een sociale huurwoning van meer dan 100 vierkante meter, is bijna de helft ouder dan zestig jaar.
“Vaak zeggen ze dat ze wel willen, maar dan gaat het toch heel moeilijk als het tijd wordt om daadwerkelijk te verhuizen”, vertelt Hein. “We bieden zelfs aan dat wij ze helpen met verhuizen, of eerst tijdelijk ruilen, een soort proefwonen. Maar dan willen ze toch niet.”
Maar naar een andere stad verhuizen, wil Hein ook niet. Vanwege de jonge kinderen, zegt hij. “Mijn zusje vindt het echt niet fijn”, legt Witte uit. “Mijn broertje is nog jong en kan er nog goed mee omgaan, maar mijn zusje is nu 13 en ze is een meisje, dus ze wil het liefst haar eigen kamer.”
En dat zien de gemeente en de woningcorporaties ook. De gemeente zet sinds begin dit jaar doorstroomcoaches in die mensen moeten helpen met verhuizen, en de grote woningcorporaties in de stad hebben vorige maand een convenant gesloten om woningruil makkelijker te maken. Maar Hein is sceptisch over of het gaat werken: “Als ik het lees, zie ik goede bedoelingen, maar daar kan ik niet in wonen. Dit leeft al tien jaar. Het gaat uiteindelijk om persoonlijke interactie, en de menselijke maat.”
De Alliantie zegt in een reactie dat ze bekend zijn met de situatie van Hein en hem ook bijstaan, maar dat veel mensen op dit moment zoek zijn naar een grotere woning. Ze adviseren dan ook niet alleen in te zetten op een woningruil, maar ook in te schrijven bij Woningnet.
Hein zegt positief te blijven, maar hoopt dat de woningcorporaties wat minder beleid van bovenaf gaan invoeren, maar wat meer de verbinding tussen huurders gaan stimuleren. “Ik mis echt de menselijke maat in het ruilen.”
Door: Lotte Rigter