TV NL EN

Vacature Zakelijk Directeur (1,0 fte)

Sluitingsdatum 31 mei
Dienstverband
40 uur

Introductie
Ben jij een strategisch leider met sterk financieel inzicht, die commerciële kansen succesvol weet te vertalen naar duurzame opbrengsten in de culturele sector? Dan kun je als Zakelijk Directeur bij De Balie een sleutelrol spelen in een toonaangevende culturele instelling met grote maatschappelijke impact.

De Balie
De Balie is een kunstinstelling die werkt vanuit de missie: ‘Vrij denken, Vrij spreken, Vrij leven’. De organisatie staat voor een open, pluriforme samenleving waarin mensen van verschillende achtergronden en met verschillende overtuigingen elkaar live ontmoeten en spreken. De Balie biedt daarvoor de ruimte en is dé ontmoetingsplek waar vrije geesten, kunstenaars, wetenschappers, journalisten en denkers hun ideeën delen met een breed en zeer divers publiek.
Vanuit het centrum van Amsterdam produceert de eigen redactie van De Balie met zorg programma’s voor een zeer breed publiek. De Balie zet met deze zelfgeproduceerde programma’s onderwerpen op de kaart, en vraagt voortdurend aandacht van publiek, politiek en media voor ontwikkelingen in de samenleving. Als broedplaats stimuleert De Balie het culturele, maatschappelijke en politieke landschap in Amsterdam en Nederland.

Als ‘live magazine’ maakt De Balie binnen en buiten Amsterdam gesprekken, lezingen en happenings en programmeert De Balie films, muziek en theatervoorstellingen. De Balie kiest daarbij vaak een vorm die actuele thema’s met genres combineert. Daarnaast heeft De Balie een goedlopend café-restaurant en een dagelijkse cinema. Het café-restaurant is een ontmoetingsplek waar je van vroeg tot laat terecht kunt. Het is voor externen ook mogelijk om eigen evenementen in De Balie te organiseren.

Organisatie en Financiën
De organisatie heeft de juridische vorm van een stichting met een Raad van Toezicht. De Balie genereert het grootste deel van haar inkomsten zelfstandig, onder meer via kaartverkoop, zaalverhuur, horeca, coproducties, samenwerkingen en projectbijdragen. Daarnaast ontvangt De Balie structurele subsidie van de gemeente Amsterdam en het Ministerie van OCW.
Door de aard van de programmering zijn vrijwel alle voorstellingen en lezingen eenmalig en uniek. De Balie realiseert jaarlijks honderden primeurs. Omdat er nauwelijks een vast programmabudget is, wordt voor ieder programma afzonderlijk financiering verworven.

De organisatie bestaat uit circa 100 betrokken en gemotiveerde medewerkers en heeft een uitgebreid netwerk van stakeholders en partners in zowel de kunsten, als de journalistiek, het bedrijfsleven en de overheid. Het managementteam bestaat uit 5 leden en vertegenwoordigt gezamenlijk alle afdelingen binnen de organisatie.

De dagelijkse leiding berust bij een collegiaal bestuursmodel met een tweekoppige directie, ieder met een eigen portefeuille. De Algemeen & Artistiek Directeur en de Zakelijk Directeur dragen gezamenlijk de bestuurlijke eindverantwoordelijkheid voor de koers, continuïteit en verdere ontwikkeling van de organisatie. De Raad van Toezicht fungeert als werkgever en houdt toezicht op het functioneren van beide directeuren.

Vanwege een nieuwe professionele uitdaging van de huidige Zakelijk Directeur zoeken wij een opvolger die deze rol met gezag, visie en betrokkenheid kan voortzetten.

Functie
Als Zakelijk Directeur ben je verantwoordelijk voor de zakelijke continuïteit, financiële gezondheid en organisatorische ontwikkeling van De Balie. Je vertaalt de artistieke ambities naar een duurzame en toekomstbestendige bedrijfsvoering en benut commerciële kansen om de eigen inkomsten verder te vergroten. Je combineert strategisch inzicht met ondernemerschap en weet processen, mensen en middelen effectief te verbinden.

Je taken en verantwoordelijkheden zijn als volgt:

  • Vertalen van de artistieke koers naar een haalbare zakelijke strategie, meerjarenbegroting en duurzame groei.
  • Leidinggeven aan de financiële afdeling, HRM en de operationeel manager, die horeca, techniek en gebouwbeheer aanstuurt.
  • Waarborgen van een sterke, transparante en toekomstbestendige bedrijfsvoering met grip op financiën, risicomanagement en HRM.
  • Eindverantwoordelijk voor de horeca-exploitatie, met oog voor groeimogelijkheden.
  • Sturing geven aan facilitaire diensten en gebouwbeheer, inclusief toekomstige verbouwingen.
  • Optimaliseren en verder professionaliseren van processen, organisatie-inrichting en de volledige financiële cyclus.
  • Vergroten van de eigen inkomsten door het opbouwen en versterken van samenwerkingen, stakeholderrelaties, sponsorproposities en subsidietrajecten.
  • Bewaken van governance, compliance en kwalitatieve informatievoorziening richting directie en Raad van Toezicht.

Functie-eisen

  • Academisch werk- en denkniveau.
  • Zakelijk onderlegd en ondernemend van instelling.
  • Aantoonbare ervaring als leidinggevende, met het aansturen van (culturele) professionals en van commerciële, personele en financiële processen.
  • Goed in het onderhouden van een zakelijk netwerk.
  • Ervaring met het genereren van eigen inkomsten en het werven van fondsen en sponsoren.
  • In staat om vernieuwend te denken en verbindingen te leggen, met name bij het ontwikkelen van commerciële initiatieven.
  • Ruime ervaring met het stroomlijnen van organisaties en het realiseren van efficiëntieverbeteringen.
  • Sterke communicatieve vaardigheden en een samenwerkingsgerichte stijl.
  • Strategisch inzicht, gecombineerd met besluitvaardigheid en risicobewustzijn.
  • Daadkrachtig, consistent en resultaatgericht, met oog voor verschillende perspectieven.
  • Affiniteit met en onderschrijving van de beginselen van het vrije woord.

Aanbod
Je werkt op een inspirerende, dynamische en internationale plek in het hart van Amsterdam. Een omgeving waar cultuur, actualiteit en ontmoeting samenkomen. Je werkt samen met toegewijde, professionele en bevlogen collega’s. Daarnaast kun je volop genieten van het aanbod van programma’s en films. Er staat een marktconform salaris tegenover, passend bij de zwaarte van deze fulltime functie en jouw ervaring. Er is ruimte voor persoonlijke en professionele ontwikkeling, door middel van cursussen en opleidingen. Je start met een contract voor één jaar, met de intentie dit bij goed functioneren om te zetten naar een vast dienstverband.

Solliciteren
De Balie wordt bij deze wervingsprocedure bijgestaan door DUX Executive Search. Voor meer informatie over de functie kun je contact opnemen met Esther Driessen via esther.driessen@dux.nl.

Solliciteren kan door een CV en beknopte motivatiebrief uiterlijk 31 mei te sturen naar info@dux.nl onder vermelding van ‘Zakelijk Directeur De Balie’. Vroeg solliciteren wordt zeer op prijs gesteld. Referentieonderzoek zal onderdeel vormen van deze sollicitatieprocedure.

De Balie streeft naar gelijke kansen voor iedereen en kijkt uit naar een kandidaat die de organisatie in alle opzichten meer divers maakt.

De Balie wordt bij deze wervingsprocedure bijgestaan door DUX Executive Search.

Voor meer informatie over de functie kun je contact opnemen met Esther Driessen via esther.driessen@dux.nl.

Solliciteren kan door een CV en beknopte motivatiebrief uiterlijk 31 mei te sturen naar info@dux.nl onder vermelding van ‘Zakelijk Directeur De Balie’. Vroeg solliciteren wordt zeer op prijs gesteld. Referentieonderzoek zal onderdeel vormen van deze sollicitatieprocedure.

Acquisitie naar aanleiding van deze vacature wordt niet op prijs gesteld

Pre-order Artist Against the Kremlin Vol. 2, Protest Art Book

Following last year’s Artist Against the Kremlin Vol. 2 exhibition, you can now pre-order the protest art book bringing together works by more than 100 contemporary artists opposing war, censorship, and repression. Featuring the full exhibition collection, alongside essays and exclusive materials from the annual exhibition at De Balie. Pre order here.

Naar aanleiding van de tentoonstelling Artist Against the Kremlin Vol. 2 van afgelopen jaar kun je nu het protestkunstboek pre-orderen, met werk van meer dan 100 hedendaagse kunstenaars die zich uitspreken tegen oorlog, censuur en repressie. Het boek bevat de volledige collectie van de tentoonstelling, aangevuld met essays en exclusief materiaal van de jaarlijkse tentoonstelling in De Balie. Pre order hier.

De Balie zoekt stagiairs redactie en Live Journalism

De redactie van De Balie zoekt voor de periode van september 2026 t/m januari 2027 2 all-round stagiairs redactie en 1 stagiair voor de onderzoeksredactie van Live Journalism met verschillende politieke, maatschappelijke, creatieve en culturele achtergronden en een brede interesse in kunst, cultuur en politiek.

Tijdens je stage ondersteun je een programmamaker bij het bedenken en produceren van een programma. Je hebt contact met sprekers, denkt na over het potentiële publiek en hoe je dat publiek bereikt. Het betreft een stage voor drie dagen per week. Je bent ook gemiddeld drie avonden per maand beschikbaar om redacteuren te helpen bij live programma’s.

Wij zoeken iemand die

  • Een grote interesse heeft in journalistiek, media, technologie, politiek en/of filosofie.
  • Nieuwsgierig en doortastend is
  • Goed kan regelen, punctueel is en vooruit denkt
  • Een open en enthousiaste houding heeft
  • Een goede gastvrouw of -heer is
  • Zelfstandig kan werken

Specifiek voor Live Journalism zoeken wij iemand die

  • In (de buurt van) Amsterdam woont en de stad goed kent
  • Geïnteresseerd is in de maatschappelijke uitdagingen in en rond Amsterdam

Wij bieden

  • Een inspirerende stageplek voor drie dagen per week
  • Een stagevergoeding van 180 euro per maand
  • Toegang tot onze programma’s en films
  • Een kans je netwerk te vergroten en benutten

Mensen die stage bij ons liepen werken inmiddels bij organisaties als World Press Photo, VPRO, Stimuleringsfonds voor de Journalistiek, Nieuwsuur, Movies that Matter en natuurlijk De Balie zelf.

Over De Balie

De Balie is een kunst- en cultuurcentrum op het Leidseplein in Amsterdam. In De Balie wordt kunst en cultuur samengebracht met de actualiteit, maatschappelijk debat en politiek. Er vinden dagelijks spraakmakende publieksprogramma’s, theater- en cinemavoorstellingen plaats.

Over Live Journalism

Live Journalism is de onderzoeksredactie van die balie die elk half jaar een onderbelicht onderwerp uit de stad Amsterdam onderzoekt. Ze publiceren artikelen in de krant, reportages op AT5 en organiseren bijeenkomsten waarbij burger en politiek elkaar ontmoeten. Als afsluiting maken ze een theatervoorstelling op basis van de bevindingen uit het onderzoek. Kijk voor meer informatie op onze pagina.

Je kunt tot 1 juni 2026 solliciteren. Mail een korte motivatie (max. 400 woorden) en je cv naar solliciteren@debalie.nl. Voor inhoudelijke vragen kun je mailen naar irene.vandenbosch@debalie.nl.

Acquisitie naar aanleiding van deze vacature wordt niet op prijs gesteld.

Solliciteer

Je kunt tot 1 juni 2026 solliciteren. Mail een korte motivatie (max. 400 woorden) en je cv naar solliciteren@debalie.nl. Voor inhoudelijke vragen kun je mailen naar irene.vandenbosch@debalie.nl.

What the Rise of Evgeny Lebedev Teaches Us About the Modern Oligarchy

The New Oligarchs

If it looks like an oligarch, walks like an oligarch and quacks like an oligarch… yet Evgeny Lebedev insists: don’t call him an oligarch. The Russian-born British billionaire cuts an unusual figure among today’s ultra-wealthy. His rise teaches us a lot about the modern oligarchy, which is the subject of a new four-part series by De Balie.

To know who Evgeny Lebedev is, you have to know his father, Alexander Lebedev. Lebedev Sr. followed a more familiar path to oligarch status: a career in the Soviet KGB and later the FSB, followed by the accumulation of vast wealth as a banker during Russia’s turbulent 1990s. After falling out with Putin, Lebedev Sr. moved to London in 2008 – at a time when the city still welcomed wealthy Russians with open arms, earning it the nickname ‘Londongrad’. He brought his son Evgeny with him and bought him the struggling yet prestigious newspapers The Evening Standard and The Independent.

It’s unreasonable to expect individuals to spend millions of pounds on newspapers and not have access to politicians

Evgeny Lebedev

Financially these news papers contribute very little. And it must be said that editors have never complained of  interference from Evgeny Lebedev. So what do the Lebedevs want with them? Journalist Paul Caruana Galizia, who has written extensively on Lebedev’s rise, argues these news papers offer Lebedev the same thing as the lavish parties he hosts for British politicians and celebrities such as Salman Rushdie, Elton John and Helen Mirren: a proximity to power. As Lebedev himself has put it: ‘It’s unreasonable to expect individuals to spend millions of pounds on newspapers and not have access to politicians.’

One frequent guest at these parties was Boris Johnson. In 2020, the former prime minister appointed his friend Lebedev to the House of Lords. The decision sparked considerable controversy, not least because Lebedev’s father is suspected of maintaining links to Russian intelligence services. Nevertheless, Johnson pressed ahead, and Evgeny Lebedev now holds the title ‘Baron Lebedev, of Hampton in the London Borough of Richmond upon Thames and of Siberia in the Russian Federation.’

The Lebedev case illustrates that oligarchy is not simply a matter of overt corruption, but is also rooted in more subtle dynamics such as access to influential networks. As Paul Caruana Galizia wrote: ‘The Lebedevs’ ascent reveals how easy it was for Britain to be bought.’

On May 31, we welcome Paul Caruana Galizia in De Balie to delve deeper into the case of Alexander Lebedev, the Orbán clan, and the Trumps, and what these names teach us about modern oligarchy.

About The New Oligarchs

Welcome to the age of oligarchy, where money buys you influence, where the rich and powerful like to mingle and party and where self-enrichment, corruption and tax evasion are commonplace. Where democracy is threatened by the ultra-wealthy. In a new four-part series we explore the shadowy network of billionaires, politicians, celebrities, and intellectuals – we introduce you: the new oligarchs. With on May 31 the first episode with investigative journalist Paul Caruana Galizia and Pieter Omtzigt, about the Lebedevs, Orbán and Trump.

Text
Devi Smits
vr 29 mei / 20:00
Geopolitiek & Mensenrechten

Welcome in the age of oligarchy

With Pieter Omtzigt and Paul Caruana Galizia

Welcome to the age of oligarchy, where money buys you influence, where the rich and powerful like to mingle and party and where self-enrichment, corruption and tax evasion are commonplace. Where democracy is threatened by the ultra-wealthy.

Meer Info Tickets

De Balie zoekt een Redactie Chef

solliciteer uiterlijk
10 juni 2026
Fulltime, 40 uur
In het hart van Amsterdam produceert De Balie talkshows en publieke programma’s over thema’s die ons allemaal aangaan voor zeer veel verschillende groepen. Met haar programmering vraagt De Balie voortdurend aandacht van publiek, politiek en media voor ontwikkelingen in de samenleving.

De Balie is op zoek naar een ‘chef de bureau’ die samen met het hoofd programmering en de artistiek directeur van De Balie de hoofdredactie van De Balie kan vormen. De redactiechef is onderdeel van het MT, dat bestaat uit vijf leden en de directie. De redactiechef begeleidt de redactie op dagelijkse basis, coördineert de dagelijkse programmering, en kan met kennis en ervaring de programma’s van de redactie inhoudelijk verdiepen en verrijken. De redactiechef speelt een verbindende rol tussen de afdelingen en de redactie onderhoudt contacten met de vele inhoudelijke partners van De Balie.

De Balie gelegen aan het Leidseplein in Amsterdam is een Centre of the Arts en een nationaal gesprekscentrum. Kunst en actualiteit zijn de twee polen waar onze publieksprogrammering omheen draait. Per jaar worden meer dan 400 eigen producties geprogrammeerd; van debatten, gesprekken, interviews, lezingen tot theatrale producties en exposities. Veel programmering is internationaal en in het Engels. Daarnaast produceert De Balie wekelijks externe programma’s in het land en biedt haar gezellige café-restaurant elke dag onderdak aan een breed publiek van reizigers, vaste bezoekers en werkenden.

De redactie van de Balie vormt de spil van onze instelling en programmering. Samen met externe maatschappelijke partijen zoals kunstenaars, uitgeverijen, NGO’s en bedrijven programmeert ze op dagelijkse basis eigenzinnige programma’s onder redactionele onafhankelijkheid. Daarnaast produceert de redactie op eigen gezag interviews, boekbesprekingen en/of debatten die verdieping geven aan actuele vragen en ontwikkelingen.

De redactie wordt leidinggegeven door een hoofdredactie die naast de artistiek directeur bestaat uit het hoofd programmering en de redactiechef. De Balie zoekt voor een nieuwe positie een veelzijdige collega die de inhoudelijke, organisatorische en praktische schakel vormt tussen de redactie en de vele partners: een chef de bureau.

Wie zoeken wij?

  • Jij hebt ruime ervaring in de journalistiek of het theater. Je bent zowel inhoudelijk op de hoogte van de kunsten als van de actuele ontwikkelingen in de wereld.
  • Je hebt een open, nieuwsgierige blik en kunt weloverwogen tot een oordeel komen.
  • Jij bent een sterk ontwikkelde teamspeler waarbij jouw ego ondergeschikt is aan het team en de te behalen doelstellingen.
  • Je bent het aanspreekpunt voor de redactie en werkt samen met de artistiek directeur aan de dagelijkse gang van zaken.
  • Jij hebt een HBO/WO werk- en denkniveau en ervaring met het werken op een redactie.
  • Je bent empathisch en luistert goed, je bent het eerste aanspreekpunt voor redacteuren.
  • Je schakelt soepel tussen de redactie en de rest van de organisatie en versterkt de onderlinge samenwerking.
  • Je bent goed in plannen en organiseren.
  • Je hebt een hands-on en oplossingsgerichte mentaliteit en bent stressbestendig.
  • Jij bent flexibel qua werktijden en werken in de avonduren vind je geen probleem.
  • Je bent in staat programma’s voor te zitten of bent bereid om dit te leren.

Wat breng je mee?
Naast de eigen specifieke kennis en vaardigheden voor de uit te voeren functie, vindt De Balie dat iedere werknemer voldoende mate van zelfstandigheid, flexibiliteit, initiatief, creativiteit, goede sociale vaardigheid en representativiteit moet bezitten voor het beoefenen van zijn of haar functie.

Wat bieden wij?

  • Een dienstverband van 40 uur per week met een marktconform salaris tussen de €4.092 en de €5.500 bruto per maand op fulltime basis, afhankelijk van leeftijd en ervaring;
  • De mogelijkheid om naar hartenlust onze programma’s en films te bezoeken;
  • Een gevarieerde baan met voortdurende ontwikkelingen en ruimte voor inhoudelijke reflectie;
  • De kans om je te ontwikkelen op een prominente plek waar altijd wat gebeurt;
  • Een inspirerende, dynamische en internationale werkplek in het hart van Amsterdam;
  • Een open, professioneel en bevlogen team van collega’s.
  • Een werkplek in het hart van Amsterdam aan het Leidseplein.

Solliciteren
Stuur je motivatiebrief met CV o.v.v. “redactiechef” uiterlijk 10 juni 2026 naar solliciteren@debalie.nl. Voor inhoudelijke vragen over de functie kun je contact opnemen met Yoeri Albrecht, via solliciteren@debalie.nl


Acquisitie naar aanleiding van deze vacature wordt niet op prijs gesteld.

Solliciteer

Stuur je motivatiebrief met CV o.v.v. “redactiechef” uiterlijk 10 juni 2026 naar solliciteren@debalie.nl. Voor inhoudelijke vragen over de functie kun je contact opnemen met Yoeri Albrecht, via solliciteren@debalie.nl

Acquisitie naar aanleiding van deze vacature wordt niet op prijs gesteld.

Opinie van De Balie: ‘Voor veel ouderen wordt passend wonen een onbereikbaar labyrint’

Live Journalism
Het Parool

Onderzoeksjournalisten Rosalie Dielesen en Sylvia Vegter van De Balie deden onderzoek naar de digitalisering van de gemeente Amsterdam – en hoe dit ook Amsterdammers achterstelt, in plaats van vooruithelpt. Zij geven in dit opiniestuk een inkijkje in hun onderzoek.

In Nederland wonen veel mensen niet passend. Volgens de gemeente Amsterdam leven zo’n twaalfduizend gezinnen met een laag inkomen in te kleine sociale huurwoningen, terwijl veel ouderen juist te veel ruimte hebben: bijna de helft van de eenpersoonshuishoudens met meer dan honderd vierkante meter is ouder dan zestig jaar.

Amsterdam laat zien hoe het sociale huurstelsel in de praktijk vastloopt. Om doorstroom binnen de sociale huur te bevorderen, heeft de gemeente verschillende regelingen bedacht. Maar wie wil verhuizen, hulp wil aanvragen of zijn rechten wil uitoefenen, stuit op een digitale hindernisbaan vol ingewikkelde portalen en formulieren. Daar gaat het structureel mis.

Het onderzoek van de onderzoeksredactie van debatcentrum De Balie, Livejournalism, begon bij een oudere vrouw in Amsterdam-West die haar hele leven op dezelfde plek woont. We liepen mee met !Woon-coach Karin Huizinga, die ouderen begeleidt die niet meer passend wonen: wie de trap niet meer op kan, of juist te veel ruimte heeft.

Wisselen tussen tablets

De vrouw vertelt over haar moeite om zelfstandig te blijven wonen, over ziekenhuisbezoeken en over het wisselen tussen een nieuwe tablet, die ze nog niet begrijpt, en een oude die traag werkt. Huizinga noteert alles zorgvuldig. Ze merkt dat veel ouderen afhaken: stapels brieven, wachtwoorden en mapjes blijven ongebruikt, en digitale portalen zoals MyQii raken snel verstrikt in foutmeldingen en ingewikkelde menu’s.

“Het gaat zelden om onwil,” zei Huizinga in november in De Balie. “Mensen haken gewoon af.” Aan de keukentafel komen steeds dezelfde vragen terug: waar vraag je stadsdeelvoorrang aan? Wat houdt een seniorenregeling in? Hoe weet je of je ergens recht op hebt? Voor veel ouderen wordt passend wonen zo een onbereikbaar labyrint.

Onrealistisch beleid

Digitale drempels, veranderende inlogmethodes en verloren accounts zorgen dat ouderen afhaken, ondanks hun woonwens. Onderzoek op verzoek van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties laat zien dat er tussen 2020 en 2023 10.000 woningen werden aangeboden via verhuisregelingen, maar slechts 750 woningen zijn op die gronden toegewezen. Een schrijnend laag aandeel dat laat zien hoe weinig mensen profiteren van vastgestelde regelingen.

Het probleem is structureel: beleid gaat uit van digitale zelfredzaamheid die voor veel ouderen niet realistisch is. Wie langer in een te grote of slecht toegankelijke woning blijft, loopt een verhoogd risico op vallen, ongelukken en gezondheidsproblemen.

Diezelfde digitale muur treft ook economisch daklozen. Wekelijks zien we bij opvangorganisatie (voor mannen) Daadkr8 in Nieuw-West hoe hard digitalisering kan uitpakken: mannen met een biculturele achtergrond, sommige met hun kinderen, zitten aan tafels met laptops, begeleid door vrijwilligers, worstelend met portalen, wachtwoorden en formulieren. Geen DigiD, geen laptop, geen stabiel e-mailadres of beperkte taalvaardigheid kan direct leiden tot afwijzing én dus tot een slaapplaats die verloren gaat.

Sheltersuit gestolen

Recent kwam die kwetsbaarheid nog scherper in beeld toen bij het mannencentrum werd ingebroken en een sheltersuit werd gestolen: een wind- en waterdichte jas met een afritsbare slaapzak, ontworpen om directe bescherming te bieden tegen de elementen. “Als ze het hadden gevraagd, had ik ze er zo een meegegeven,” vertelt Oscar, ervaringsdeskundige. Zonder de constante inzet van vrijwilligers zouden veel van deze mensen letterlijk op straat staan, zonder toegang tot opvang, zorg of ondersteuning.

Digitalisering is niet neutraal; ze creëert winnaars en verliezers. In Nederland woont ongeveer een kwart van alle huishoudens in sociale huur, in Amsterdam zelfs ruim een derde, maar toegang tot deze woningen en regelingen verloopt steeds vaker digitaal.

Basisvaardigheden zoals een laptop, een e-mailadres en digitale geletterdheid worden stilzwijgend verondersteld, terwijl de overheid sneller digitaliseert dan veel burgers kunnen bijbenen. Wie het niet redt, valt buiten de boot én vaak buiten beeld. Dat leidt tot een democratisch tekort: rechten worden afhankelijk van vaardigheden, niet van het recht zelf.

Tegen deze achtergrond presenteert wethouder Zita Pels (Volkshuisvesting, GroenLinks) in april het doorstroomoffensief ‘Passend wonen in Amsterdam’ – een ambitie om de vastgelopen woningmarkt weer in beweging te krijgen. De kern: vergroting van de doorstroom door mensen meer kans te geven een woning te vinden die bij hun situatie past, en zo woningen vrij te maken voor andere woningzoekenden.

De maatregelen omvatten onder meer het verruimen van verhuisregelingen, financiële ondersteuning bij verhuizen, en de inzet van woon‑ en verhuiscoaches om mensen te begeleiden in het vinden van een passende woning. Zo hoopt Amsterdam barrières rond digitalisering en informatie te slechten.

Behoefte aan menselijkheid

Deze aanpak komt niet uit de lucht vallen. Amsterdam experimenteert ook met proefregelingen, zoals het openstellen van kleinere woningen voor woningzoekenden zonder urgente voorrang, en wil bij verhuur meer werken met inschrijfduur in plaats van alleen voorrangsregels, omdat de wachttijd voor een sociale huurwoning in de stad gemiddeld meer dan een decennium is en gezinshuizen voor velen onbereikbaar blijven zonder beweging in de voorraad.

Toch blijft er een onmiskenbare kloof tussen beleid en praktijk. Want zolang de uitvoering van het doorstroomoffensief vooral via digitale systemen verloopt, en ondersteuning ad hoc of projectmatig wordt aangeboden, zullen kwetsbare groepen afhaken.

Hybride toegang zoals fysieke loketten, telefonische ondersteuning en begrijpelijke begeleiding is geen luxe, maar een noodzaak. De gemeente en woningcorporaties nemen mondjesmaat wooncoaches aan, maar digitale hulp moet structureel gefinancierd worden en mag niet afhangen van vrijwilligers.

Amsterdammers hebben behoefte aan menselijkheid. Zorg dat er weer aanspreekpunten komen voor bewoners in hun eigen wijk, zodat mensen op loopafstand van hun woonplaats in gesprek kunnen gaan, begeleid worden bij elk stapje in het proces, en geen digitale drempels hoeven te overwinnen om hun basisrecht – passende huisvesting – te realiseren. Zolang dat niet gebeurt, moderniseert Amsterdam wel, maar blijft ze haar meest kwetsbare bewoners vergeten.

Oudere migranten hebben moeite met vinden passende woning: “Maak het laagdrempeliger”

Live Journalism
AT5

De komende vijf jaar zal het aantal senioren met een migratieachtergrond in de stad verdubbelen. Diverse organisaties maken zich zorgen over de woonsituatie van deze groep. Uit onderzoek van stichting !Woon blijkt dat veel ouderen willen verhuizen, omdat hun huidige woning niet geschikt is. Maar vaak weten ze niet hoe ze dit moeten aanpakken en zijn ze onvoldoende op de hoogte van bestaande regelingen. 

Zoals bijvoorbeeld Fatima. Zo’n tien jaar woont ze nu in een appartement in Holendrecht. De woning die ze heeft, is te groot. Vier kamers, terwijl ze er in haar eentje woont. “Ik ga scheiden. Ik ben alleen, dat is moeilijk voor mij.” Ook het feit dat haar appartement op de tweede verdieping zit en er geen lift in het gebouw zit, zorgt voor problemen. “Ik wil graag een benedenhuis, want ik heb klachten in mijn beide benen.”

Voor mensen zoals Fatima, die hun woning graag zouden willen ruilen met mensen die op zoek zijn naar iets groters, zijn verschillende regelingen in Amsterdam. Maar wat je moet doen om daar aanspraak op te kunnen maken, blijkt vaak lastig, merkte ook Fatima. “Ik vertelde Eigen Haard dat het grote huis te veel voor mij is. Maar dat is al heel lang geleden, ik heb nooit antwoord gekregen.”

Zulke problemen spelen vaker bij oudere Amsterdammers met een migratieachtergrond, blijkt uit onderzoek van stichting !Woon. Deze mensen hebben bij hun woningcorporatie vaak het idee dat ze tegen een dichte deur aanlopen.

Sommigen stappen naar migrantenorganisaties als Emcemo, een activistische stichting die opkomt voor Nederlanders met een Marokkaanse achtergrond. Volgens Mekki Aulud Ahmed, vrijwilliger bij Emcemo, is taal de grootste barrière. “De eerste generatie migranten heeft daar vooral veel moeite mee. Sommigen hebben kinderen die hen kunnen helpen, maar mensen die geen kinderen hebben komen vaak in de problemen.”

Niet alleen mensen die een kleinere woning zoeken, kloppen aan bij dit soort organisaties; er zijn ook veel oudere migranten die in een oude, slecht onderhouden woning zitten en bijvoorbeeld last hebben van schimmel. Door de vergrijzing wordt bovendien het aantal ouderen met woonproblemen naar verwachting alleen maar groter. Tijd voor actie, aldus Aulud Ahmed. “Ik vind dat woningbouwverenigingen laagdrempeliger moeten zijn voor deze groep.”

Dat is ook een van de aanbevelingen die stichting !Woon in hun onderzoek heeft gedaan. De Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) zegt dat die aanbevelingen niet zijn overgenomen. “Corporaties hebben geen specifiek proces voor ouderen met een migratieachtergrond. Dus concreet hebben ze geen invulling gegeven aan de aanbeveling van stichting !Woon. Wel zijn er woongroepen voor migrantenouderen en bieden sommige corporaties de belangrijkste informatie meertalig aan.” 

Eigen Haard, de woningcorporatie waar Fatima mee te maken heeft, zegt in een reactie dat ze druk bezig zijn om de doorstroom te verbeteren, maar dat het vinden van een passende woning arbeidsintensief is en dus veel tijd kost. Ze adviseren bewoners daarom om het op tijd te melden als ze merken dat ze toe zijn aan een ander huis. Dat sommige bewoners de taal niet beheersen, blijft een extra barrière, zegt Eigen Haard. Dat is iets wat ze in de toekomst mee zullen nemen, belooft de woningcorporatie. 

“In onze cultuur moet je juist voor ouderen zorgen”, zegt Aulud Ahmed. “Als wij onze ouderen in de steek laten, dan mogen wij als nieuwe generaties daar ons best een beetje voor schamen.” 

Door: Maarten Westerduin

Hein wacht al tien jaar op een woningruil: “Kinderen delen met z’n drieën een slaapkamer”

Live Journalism
AT5

Al ruim tien jaar probeert Hein de Wit van woning te ruilen met een andere huurder van De Alliantie. Het gezin woont met zijn vijven plus hond in een tweekamerappartement en nu de kinderen aan het puberen zijn, is het niet meer te doen. Meerdere keren probeerde hij oudere, alleenstaande bewoners met meer slaapkamers te overtuigen om te wisselen, maar: “Hoe ouder iemand wordt, hoe moeilijker het voor ze is om te verhuizen.”

Het huis, gelegen op een gewilde locatie vlak naast Artis, staat vol met spullen. De 17-jarige Witte geeft ons een rondleiding van zijn slaapkamer. Een korte rondleiding, want de kamer, die hij deelt met zijn jongere broer en zus, is klein. 

“Hier beneden in dit stapelbed slaap ik, en daarboven mijn kleine broertje. En hier in de hoek slaapt mijn zusje.” Witte speelt basketbal en is al langer dan twee meter. Hij laat zien hoe klein zijn bed is. “Als ik lig steken mijn voeten helemaal uit. Ik slaap met sokken aan, want anders krijg ik koude voeten”, lacht hij. 

Gouden kooi

Toen Hein de Wit de woning toegewezen kreeg was Witte pas net geboren. Op dat moment was het tweekamerappartement perfect voor hun situatie. Maar inmiddels zijn er twee kinderen en een hond bijgekomen. Vader en moeder slapen in een slaapkamer, de drie kinderen in de ander. “We barsten uit onze voegen. Het is een gouden kooi, hoe groter de kinderen worden, hoe meer het bekneld”, zegt Hein. 

Al tien jaar probeert hij te ruilen met iemand anders die huurt van de woningcorporatie, in zijn geval De Alliantie. Dat is gebruikelijk. Huurders kunnen met elkaar afspreken te willen ruilen – bijvoorbeeld als een groter wil wonen, en de ander liever op een andere locatie – en het laten toetsen bij de corporatie. Als alle partijen toestemmen, kan de ruil doorgaan. Bij De Alliantie zijn er tot november dit jaar circa dertig woningruilen uitgevoerd. 

Hein dacht dat zijn woning op de begane grond, geheel gelijkvloers en naast Artis, wel in trek zou zijn. Maar de realiteit is anders. “Ik kan wel drie voorbeelden geven van mensen die al wat ouder zijn en het moeilijk vinden om weg te gaan uit hun woning. Sommigen sluiten zich zelfs op in een hoog appartement met vier à vijf kamers met trappen als ze slecht ter been zijn. Terwijl ze hier makkelijk naar binnen en naar buiten kunnen.”

12.000 gezinnen in te kleine corporatiewoning

Hein is niet de enige in deze situatie. Volgens de gemeente wonen zo’n 12.000 gezinnen met een laag inkomen in een te kleine sociale huurwoning. Daar tegenover staat dat vooral ouderen te groot wonen. Van alle eenpersoonshuishoudens met een sociale huurwoning van meer dan 100 vierkante meter, is bijna de helft ouder dan zestig jaar. 

“Vaak zeggen ze dat ze wel willen, maar dan gaat het toch heel moeilijk als het tijd wordt om daadwerkelijk te verhuizen”, vertelt Hein. “We bieden zelfs aan dat wij ze helpen met verhuizen, of eerst tijdelijk ruilen, een soort proefwonen. Maar dan willen ze toch niet.”

Maar naar een andere stad verhuizen, wil Hein ook niet. Vanwege de jonge kinderen, zegt hij. “Mijn zusje vindt het echt niet fijn”, legt Witte uit. “Mijn broertje is nog jong en kan er nog goed mee omgaan, maar mijn zusje is nu 13 en ze is een meisje, dus ze wil het liefst haar eigen kamer.”

En dat zien de gemeente en de woningcorporaties ook. De gemeente zet sinds begin dit jaar doorstroomcoaches in die mensen moeten helpen met verhuizen, en de grote woningcorporaties in de stad hebben vorige maand een convenant gesloten om woningruil makkelijker te maken. Maar Hein is sceptisch over of het gaat werken: “Als ik het lees, zie ik goede bedoelingen, maar daar kan ik niet in wonen. Dit leeft al tien jaar. Het gaat uiteindelijk om persoonlijke interactie, en de menselijke maat.”

De Alliantie zegt in een reactie dat ze bekend zijn met de situatie van Hein en hem ook bijstaan, maar dat veel mensen op dit moment zoek zijn naar een grotere woning. Ze adviseren dan ook niet alleen in te zetten op een woningruil, maar ook in te schrijven bij Woningnet. 

Hein zegt positief te blijven, maar hoopt dat de woningcorporaties wat minder beleid van bovenaf gaan invoeren, maar wat meer de verbinding tussen huurders gaan stimuleren. “Ik mis echt de menselijke maat in het ruilen.”

Door: Lotte Rigter




Jong, eenzaam en depressief: hoe worden mbo-studenten weer gelukkig?

Live Journalism
AT5

Een opeenstapeling van verantwoordelijkheden die zorgt voor prestatiedruk en stress: mbo-studenten kampen vaker met mentale problemen dan leeftijdsgenoten op andere opleidingsniveaus. Door bezuinigen op het onderwijs bestaat nu de kans dat jeugdartsen uit het mbo worden wegbezuinigd, terwijl die een belangrijke spil zijn in het opsporen van mentale problemen.

“Ik heb al mijn hele leven last van mentale problemen, op mijn achtste had ik al heel compulsieve smetvrees”, zegt de achttienjarige Mijntje. Ze zit in het tweede jaar van haar mbo-opleiding Mediavormgever. Tijdens corona bereikte ze haar “dieptepunt”, zoals ze het zelf noemt, maar meer wil ze daar online liever niets over kwijt.

Bij Aaron, ook achttien, begonnen de problemen tijdens de coronaperiode: “Dat was een lastige periode, met veel overlijdens in de familie, ook door corona. Dat raakte mij wel heftig.” Hij is net gestopt met zijn mbo-opleiding Podiumtechniek, maar hoopt in september met een muziekopleiding aan het ROC van Amsterdam te starten.

Allebei doorliepen ze een hulpverleningstraject via de GGZ, maar desondanks lukt het ze niet om lekkerder in hun vel te komen. En zij zijn zeker niet de enigen die met hun mentale gezondheid worstelen. Uit onderzoek van de GGD Amsterdam blijkt dat 52% van de jongvolwassenen (16-25 jaar) in Amsterdam stelt (heel) vaak gestrest te zijn, en 23% wordt vaak tot voortdurend beperkt door psychische klachten.

Mbo-studenten hebben het daarbij zwaarder dan andere leeftijdsgenoten. Zij ervaren vaker prestatiedruk en stress door een combinatie aan verantwoordelijkheden op school, thuis en op het werk, zoals mantelzorg of financiële verantwoordelijkheden.

Zwaardere problematiek

Jeugdadviseur bij het ROC van Amsterdam Manon de Rooij ziet de afgelopen jaren veel studenten aankloppen met depressies: “Die zijn vaak gerelateerd aan trauma’s uit het verleden, verlieservaringen en problemen in de thuissituatie.”

Ze merkt bovendien dat de problematiek zwaarder wordt, doordat wachtlijsten bij de GGZ lang zijn: “Studenten die op de wachtlijst staan voor de specialistische GGZ overbruggen die tijd nu bij onze psychologen. Dat zijn jongeren met zware klachten, zoals dissociatie of derealisatie.”

Bij het ROC van Amsterdam hebben ze daarom van mentale gezondheid een prioriteit gemaakt. Jeugdadviseurs, -psychologen en -artsen werken er intensief samen en proberen hulp zo laagdrempelig mogelijk te maken. Zo heeft gz-psycholoog Nina Schuurmans-Jippes mede een lespakket ontwikkeld waarin jongeren leren over mentale gezondheid en mentale vaardigheden:

“Studenten leren onder andere hoe ze om kunnen gaan met sombere gevoelens, druk of financiële problemen, allemaal dingen die belangrijk zijn om goed in je vel te zitten.”

‘Vreselijk verdrietig’

Soms zijn de problemen zo groot dat jongeren zelfdoding overwegen; het afgelopen jaar had 42% van de mbo’ers daar wel eens over nagedacht, tegenover 23% van de universiteitsstudenten. Ook op het ROC is dit sinds corona een grote zorg.

Schuurmans-Jippes: “Voor corona maakte je het een paar keer per jaar mee dat een student gedachtes aan zelfdoding had, maar tijdens de pandemie gebeurde dat soms meerdere keren per week. Dat is inmiddels iets afgenomen, maar het gebeurt nog steeds vaak.”

Zelf maakte ze twee keer mee dat een student een einde aan zijn leven maakte: “Dat is natuurlijk verschrikkelijk en je hoopt dat je het kan voorkomen. In beide gevallen hadden we gelukkig zorginstanties ingezet, dus dan heb je het gevoel dat je alles geprobeerd hebt. Soms kun je het helaas niet tegenhouden en dat is vreselijk verdrietig.”

Bezuinigingen

Door bezuinigen op het onderwijs bestaat nu de kans dat jeugdartsen uit het mbo worden wegbezuinigd, terwijl die een belangrijke spil zijn in het opsporen van mentale problemen, waar jongeren vaak moeilijk over durven praten. 

De gemeente laat in een reactie weten dat nog wordt gesproken over de gemeentelijke begroting voor de komende jaren, maar dat het klopt dat er mogelijk in de toekomst met minder middelen gewerkt moet worden. “Tegelijkertijd is het onze inzet om de ondersteuning voor jongeren zo goed mogelijk op peil te houden. Mbo-studenten verdienen een veilige en ondersteunende omgeving, zowel op school als daarbuiten – dáár blijven we aan werken.”

Stigma

Op het ROC hebben ze meerdere verklaringen over waarom mbo’ers vaker worstelen met hun mentale welzijn. Zo zien ze veel leerlingen die op de middelbare school zijn uitgevallen, vaak al met problemen, die vervolgens op het mbo terechtkomen. Ook statushouders die – soms met trauma’s – voor het eerst in Nederland onderwijs volgen, komen op het mbo terecht. Mbo’ers zijn daarnaast vaak mantelzorger of hebben een onveilige thuissituatie, financiële zorgen of problemen met huisvesting.

Mijntje en Aaron merken bovendien dat er nog een behoorlijk stigma ligt op mbo-onderwijs. Mijntje: “Op de middelbare school deed ik havo, maar door mijn mentale problemen ging ik naar het vmbo en nu dus naar het mbo. Een tijdje geleden kwam ik oud-klasgenoten tegen, die vroegen welke opleiding ik deed. Toen ik zei dat ik op het mbo zat, zeiden ze: ‘Oh, wij doen jouw opleiding, maar dan op het hbo.’ Ik heb er lang over gedaan om te accepteren dat ik op het mbo zit, maar toen voelde ik me meteen weer onzeker en niet goed genoeg.”

“Sommige mensen vinden het gewoon lastig om uit boeken te leren en dan wordt er toch op je neergekeken”, aldus Aaron.

Op het ROC hopen ze dat alle scholen in de toekomst zorg op maat voor hun studenten aanbieden. De Rooij: “Niet alleen op het mbo, maar ook op hbo en wo, dat zou geweldig zijn.”

Reactie gemeente Amsterdam:

“De mentale gezondheid van Amsterdamse jongvolwassenen blijft een punt van zorg. Hoewel er een lichte verbetering zichtbaar is ten opzichte van twee jaar geleden, zien we dat het voor veel jongeren nog steeds niet goed gaat. Daarom blijven we maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat Amsterdamse jongeren, zowel wo, hbo – als mbo-studenten, snel en laagdrempelig hulp kunnen krijgen wanneer dat nodig is.
 
Op elke mbo-schoollocatie in Amsterdam is er een mbo-jeugdteam bestaande uit jeugdadviseurs en jeugdpsychologen waar jongvolwassenen terechtkunnen met vragen over hun gezondheid, mentale welzijn, geldzaken of thuissituatie. Deze ondersteuning is kosteloos en ingebed in de dagelijkse leefwereld van de studenten. We zetten er stevig op in om dit ook zo te houden. Het mbo-jeugdteam werkt nauw samen met jongerenwerk, buurtteams en de Ouder- en Kindteams. Zo zorgen we ervoor dat jongeren direct op school of in hun wijk geholpen worden door professionals die hen kennen en begrijpen.
 
Daarnaast investeren we in preventieve programma’s die stress, prestatiedruk en mentale klachten helpen voorkomen.”

Door: Mirjam Eeken

Influencers steeds vaker als hulpverlener ingeschakeld: “Je wilt helpen, maar weet niet hoe”

Live Journalism
AT5

Privéberichten ontvangen van jongeren die gepest worden, zichzelf pijn doen of zelfs niet meer willen leven: het is voor veel influencers wekelijkse kost: “Dan zie je op dinsdagmiddag ineens een foto van een bebloede arm in je Snapchat.” Ook hulpverleningsinstanties zien dat jongeren vaker naar influencers trekken om hun mentale problemen te delen.


Hamza Karimi deelt op sociale media onder de naam Magic Nape video’s waarin hij met BN’ers of andere influencers goocheltrucs doet. Hij ontvangt bijna wekelijks privéberichten van volgers over hun mentale gezondheid.

Karimi: “Dat kan gaan over suïcidale gedachten of over zichzelf pijn willen doen. Voor mij is dat heel heftig, want ik ken die persoon niet, maar hij of zij heeft wel het idee dat hij mij kent.”

AT5 sprak voor deze reportage verschillende jongeren die toegaven privéberichten aan influencers te hebben gestuurd. Vanwege de gevoeligheid van het onderwerp en schaamte willen ze dit niet herkenbaar in beeld vertellen.

Hart luchten

Karimi is niet de enige die met deze berichten te maken krijgt. Bij MIND Us focussen ze zich op initiatieven om mentale problemen van jongeren de juiste aandacht en aanpak te geven. Een nieuw onderdeel daarvan is een training voor influencers. Directeur Frederieke Vriends: “We zijn daarmee begonnen door vragen die we van influencers zelf kregen. De eerste training zat direct vol.” 

Ook Hamza Karimi volgde die training: “Het grootste handvat dat ik heb gekregen is: hoe reageer je op de jongeren, hoe zorg je ervoor dat je ze niet afwijst, en naar welke instanties kan je ze verwijzen, dus bij wie kunnen ze terecht.”

Vriends: “Doordat jongeren elke dag iets zien van een influencer hebben ze heel snel het idee dat ze diegene heel goed kennen en dat ze hun hart kunnen luchten. Vaak weten influencers dan niet hoe ze daarmee om moeten gaan en heel vaak doen ze dan ook niets.”

Zowel Karimi als Vriends zien dat veel influencers met privéberichten over mentale gezondheid te maken krijgen. “Bijna iedereen die ik ken, ontvangt regelmatig zulke berichten”, aldus Karimi. 

Piek in klachten

Dat jongeren met mentale klachten kampen is al langer bekend. Uit onderzoek van de GGD Amsterdam blijkt dat vorig jaar 23% van jongvolwassenen (16-25 jaar) vaak tot voortdurend beperkt werd door psychische klachten. Tweeënvijftig procent van jongvolwassenen in Amsterdam stelt (heel) vaak gestrest te zijn. Met name mbo-studenten hebben regelmatig gedachten over zelfmoord: 42% zei hier vorig jaar wel eens aan gedacht te hebben, tegenover 23% van de universiteitsstudenten.

“Wij hebben sinds corona een enorme piek gezien in de mentale klachten die jongeren rapporteerden”, zegt Frederieke Vriends. “In de nasleep dachten we dat het te maken had met de coronamaatregelen, zoals de lockdowns en de schoolsluitingen, maar tot nu toe hebben we daar weinig correctie op gezien.”

Ze ziet daarbij pieken bij bepaalde groepen, zoals jongeren die meer druk uit de samenleving ervaren of jongeren met multiproblematiek, zoals schulden of minder perspectief: “Bij hen zien we veel somberheid, stress, angst en eenzaamheid.” 

Geen hulpverlener

En die berichten hebben niet alleen hun weerslag op de jongeren die ze sturen, maar ook op de influencers die ze ontvangen. Karimi: “Als ik via Snapchat foto’s krijg van iemand wiens arm onder het bloed zit doordat hij zichzelf pijn heeft gedaan, dan zit ik daar wel de hele dag mee. En eigenlijk wil je niet reageren, maar je weet dat je niet anders kan.”

In de training leren influencers dus met name hoe ze moeten reageren, het gesprek met jongeren kunnen aangaan en naar welke instanties zij hen kunnen doorverwijzen. Vriends: “Dat is ook wel nodig als je kijkt met welke klachten jongeren aankloppen. Een influencer die onze training volgde, kreeg eens een DM: ‘Jouw posts zijn het enige wat mij nog in leven houdt.’ Als je niet opgeleid bent als hulpverlener, dan schrik je daar wel van.”

In tegenstelling tot sommige andere influencers deelt Hamza Karimi zelf geen content over mentaal welzijn. Toch weten volgers hem te vinden met hun eigen problemen: “Ik denk dat ik heel erg mezelf ben op de socials en dat jongeren daardoor denken dat ze bij me terechtkunnen.”

Jongeren tussen de vijftien en 25 trekken natuurlijkerwijs eerder naar vrienden dan naar ouders, verzorgers of docenten om hun persoonlijke leven te bespreken. Maar volgens Vriends kan dat soms spannend zijn als het om je mentale gezondheid gaat: “Jongeren schamen zich of denken dat het beeld dat een ander van ze heeft zal veranderen. Dan is het dus veiliger om in de anonimiteit bij een influencer je verhaal te doen.”

En of dat nou per se slecht is? Vriends denkt van niet: “Maar daarbij is wel van belang dat de ander reageert op een manier die jou helpt, en daarom vinden we het zo belangrijk dat die influencers goed uitgerust zijn om dit te doen.”

Rooskleurig beeld

De vraag is uiteraard in hoeverre de influencer zelf mede onderdeel is van het probleem. De dagelijkse stroom aan stories en posts op de feed van jongeren doet al snel vermoeden dat iedereen een geweldig, vreugdevol en rooskleurig leven vol zelfvertrouwen leidt. En dat kan onzeker maken en somber stemmen.

 “Ja, je kunt inderdaad zeggen dat we enig aandeel hebben in het probleem, maar niet iedereen wil ook zijn persoonlijke situatie delen”, aldus Karimi. “Als ik me heel slecht voel, heb ik niet de behoefte om dat online te delen met anderen. Het staat ook niet in mijn beschrijving dat ik moet gaan praten over mentale gezondheid. Daar volgen de mensen mij ook niet voor.”

Karimi is in elk geval blij dat hij nu handvatten heeft om jongeren te helpen: “Iedereen voelt zich wel eens slecht. Als iemand in vertrouwen naar mij toekomt, dan is het wel zo netjes om te reageren.”

Door: Mirjam Eeken